Viering Jaaropening
Wat je nodig hebt
- per groep een flinke witte kaars en stukjes gekleurde bijenwas om de kaars mee te versieren en een flinke bloempot met zand, die als kaarsenhouder dienst doet
- tekenpapier en kleurpotloden, lint of touw, voor iedere klas een stuk van 12 meter en versieringen voor de heldenslinger
- het verhaal In de Geest van Jezus, het gedicht Een liedje van de wind en het Heldenlied
Voorbereiding
- Leer de kinderen van de onder- en bovenbouw het Heldenlied aan, de kinderen van de middenbouw leren dit in les 4.
- Laat de kinderen een tekening maken van zichzelf en er hun naam, leeftijd en verjaardag op schrijven. Rijg de tekeningen aan een lang lint of touw zodat een slinger ontstaat. Versier de slinger op eigen wijze met papieren bloemen, gekleurd lint, enzovoort.
- Laat de kinderen een naam voor hun klas kiezen die past bij het thema Held.
- Maak een klassenkaars. Geef ieder kind een klein stukje bijenwas en laat ze dat op hun eigen manier vormen (een bolletje, hartje, blaadje, visje, slingertje) en op de grote kaars plakken.
- Zorg in de vierruimte voor veel open ruimte. Zet de bloempotten met zand voor de kaarsen in het midden. Zorg eventueel voor wat bloemen of groen als versiering.
Verloop
- Laat de kinderen per groep (van hoog naar laag) de vierruimte binnenkomen terwijl ze hun heldenslinger dragen. Laat elke groep zoveel mogelijk in het midden van de ruimte een cirkel vormen en de slinger voor zich op de grond leggen. Wijs in iedere klas een kind aan dat de kaars draagt (nog niet aangestoken). Hij of zij gaat in het midden van zijn of haar klassenkring staan.
- Heet kinderen en leerkrachten welkom. Vraag de kaarsendragers om hun kaars in één van de emmers te zetten en steek de kaarsen aan. Laat de klassen hun slingers in cirkels in het midden van de ruimte leggen, ze mogen elkaar overlappen. Nodig leerkrachten en kinderen uit om rondom de slingers op de grond of op stoelen te gaan zitten. Laat de jongste kinderen vooraan zitten en de oudere kinderen aansluiten.
- Kies een plaats bij de kaarsen in het midden van de ruimte en vertel over de aanleiding van deze viering. Het nieuwe schooljaar is begonnen! Sommige kinderen zijn voor het eerst op school, andere hebben een nieuwe klas of een nieuwe juf of meester. In de lessen gaan we aan het werk met het thema helden. Over stoere helden, die we bewonderen. Over bijzondere helden uit oude verhalen, over helden uit de Bijbel enover wat nu eigenlijk echte helden zijn. En over de helden die we zelf zouden kunnen zijn. In de Bijbel staat hoe de leerlingen van Jezus verhalen vertelden aan iedereen die het maar horen wilde. Over de wonderen die Jezus had gedaan en hoe de mensen met elkaar samen kunnen leven. Daarover gaat het verhaal In de Geest van Jezus. Lees het verhaal voor.
- Laat een van de leerkrachten of een kind uit groep 8 het gedicht van Gerrie Huiberts Een liedje van de wind voordragen.
- Vertel: iedere klas heeft een heldenslinger gemaakt. Een slinger van alle helden van de klas! En iedere klas heeft een eigen kaars vandaag en een eigen naam. Laat de kinderen de naam die ze voor hun klas bedacht hebben hardop zeggen.
- Vraag de kinderen om weer op te staan en in een grote kring om de heldenslingers heen te gaan staan. Vertel dat alle kinderen met elkaar verbonden zijn in de kringen op de grond. Ieder mens is bijzonder en ieder mens kan iedere dag opnieuw een held worden.
- Zing samen het Heldenlied.
- Wens elkaar tot slot een fijn schooljaar met veel nieuwe helden toe! Of bid dat kinderen en leerkrachten er samen een fijn schooljaar van maken, waarin iedereen op zijn eigen manier een held mag zijn.
- Laat de klassen met hun heldenslinger weer teruggaan naar de klas. Hang de slingers in de klassen op en geef de kaars een speciale plaats in de klas. Laat de klassenkaars branden op momenten die voor de klas bijzonder zijn.
